Schinkel-Zuid / Promenadepark
omschrijving: Herstructurering Schinkel Kwadrant binnenstad Heerlen / IBA Parkstad 2020
opdrachtgever: VOC Heerlen / Kublo advies
duurzaamheid: Duurzame gebiedsontwikkeling
ontwerp - realisatie: 2018 -
locatie: heerlen

Inleiding

Het Centrum van Heerlen zal een grote transformatie ondergaan. Het kernwinkelgebied zal ingedikt worden. In het Schinkelkwadrant-Zuid, het gebied gelegen tussen de Schinkelstraat, Honigmannstraat, Promenade en Geerstraat, zijn inmiddels het oude winkelcentrum de Plu, de kantoorruimtes daarboven en de overige leegstaande kantoren gesloopt.

Deze sloop is de eerste aanzet voor de verdere transformatie van het centrum, waarbij leegstaande kantoren en winkelruimten omgevormd kunnen worden naar een aantrekkelijk woongebied in de binnenstad. Een tegengestelde beweging van de tendensen uit de jaren ’50 en ’60 waarbij het snel groeiende winkelbestand het wonen boven winkels verdreven heeft. Met in de avonduren verlaten straten.

In opdracht van Vastgoedontwikkelingscentrum BV is Humblé Martens & Willems Architecten sinds 2017 betrokken bij de herontwikkeling van deze locatie. De opgedane kennis en informatie van de plek heeft ertoe geleid dat het kantoor het gewenste programma van Vastgoedontwikkelingscentrum BV heeft kunnen vertalen met inachtname van de randvoorwaarden die door Prof. J. Coenen verwoord zijn in het Ruimtelijk ontwikkelingskader 08-05-2019.


Een schakeling van openbare ruimtes

In de opeenvolgende ruimten van de Promenade, destijds opgezet als een mondaine boulevard met moderne winkels en warenhuizen, uitlopend op de toen gloednieuwe stadsschouwburg is het Schinkelkwadrant-Zuid de stepping-stone tussen het theater en binnenstad. Op deze plaats is de ruimtelijke verdunning van de winkel- en kantorenkolos naar een stevige groene ruimte gedacht. De Gemeente Heerlen en IBA Parkstad gaven de verwachtingsvolle naam ‘Central Park’ aan het gebied Schinkelkwartier, Promenade en Burg.Van Grunsvenplein. De wens om dit gebied sterk te vergroenen tot een stedelijk park klinkt nadrukkelijk door in deze benaming.

Door de IBA is een contourenplan opgezet als richtinggevend kader voor de verdere ontwikkeling van het gehele gebied. Een eerste element binnen dit kader is de herwaardering van de schuine rooilijn van de lange gevelwand langs de noordzijde van de Promenade. Deze geeft een doorzicht naar het theater. Aanvankelijk in een breed open gezichtsveld, later in mindere mate langs de door middel van vier paviljoens opgedeelde Promenade. De ontwikkelingen bij Schinkel Zuid geven weer mogelijkheden om deze schuine as in ere te herstellen, waardoor het theater en het stadscentrum gevoelsmatig weer dichter bij elkaar komen te liggen.

Een tweede element uit het contourenplan is de ‘doorwaadbaarheid’ van het gebied tussen Promenade en de Schinkelstraat. Vóór de sloop was dit niet mogelijk. Nu is er de mogelijkheid om de kwadranten Schinkel Noord en Schinkel Zuid met elkaar en daardoor met het stadsweefsel te verbinden.

Uit vele voorstudies hebben we geleerd dat het versterken van de zichtas een waardevolle toevoeging is in de beleving en het meer compact maken van het centrum. Echter door deze schuine rooilijn niet direct weer vol te bouwen, en de bebouwing nog verder terug te laten wijken, ontstaat de mogelijkheid om dit stuk van de Promenade zo breed te maken dat we hier een royale groene ruimte kunnen realiseren met een stedelijke allure.

Dit ‘Promenadepark’ is de eerste nieuwe openbare ruimte die we in dit gebied introduceren. Door deze parkruimte over de Geerstraat heen te spannen richting Stadsschouwburg, geeft het ‘Promenadepark’ ook een fraaie groene begrenzing aan het Van Grunsvenplein, dat in zijn afgebakende grote maat de functie als groot stedelijk evenementenplein kan hervinden.

De tweede nieuwe openbare ruimte wordt midden in het Schinkelkwadrant toegevoegd. Hier realiseren we een openbare ruimte met het karakter van een plantsoen (de 19e eeuwse benaming voor een begrensd stadspark). Heerlen bezit mooie vergelijkbare voorbeelden, bijvoorbeeld het Burgemeester de Hesseleplein. Inspelend op de oriëntatie van dit ‘Schinkelplantsoen’, krijgt de noordzijde van het plantsoen een groen karakter. De woningen kunnen zich met hun terrassen - gelegen aan de zuidzijde van het bouwblok - sterk op deze groene ruimte oriënteren. De zuidwand krijgt een meer formeel stedelijk karakter met bijvoorbeeld een gescandeerde gevelwand met erkers voor de grondgebonden woningen. Op de hoek aan de Promenade zal een nieuwe ‘foodhal’ komen, een restaurant met verschillende keukens. In het ‘Schinkelplantsoen’ kan een waterelement de beleving in het gebied verbijzonderen en tegelijk de functie van waterbuffering op zich nemen.

Tussen het ‘Schinkelplantsoen’ en het ‘Promenadepark’, de twee nieuwe openbare ruimten, ligt een klein tussenplein als verbinding dat de as naar het theater weer oppakt. Een ‘piazzetta’ zegt men in Italië; het meer beschutte kleine plein als voorbode van het grote plein. Aan dit pleintje kan de ingang van de woontoren tegen de oude Rabobank gesitueerd worden en kan ook een plek gegeven worden aan het buitenterras van de ‘foodhal’. Een extra schakel in de opeenvolgende reeks ‘theater’, ‘foodhal’, ‘IBA hoofdkwartier’ (voormalig Rabobankgebouw), ‘warenhuis Berden’ en de rest van de winkelkern.

Programmatisch en functionele opbouw

Bij de transformatie naar een volwaardig woongebied wordt ingezet op een gezonde mix van verschillende woontypen om zo een aangenaam gemengd stedelijk woonmilieu tot stand te brengen.

De twee grotere woonblokken aan het ‘Promenadepark’ zijn gedacht als wat grotere appartementen met ruime buitenruimtes.

Aan het Schinkelplantsoen is gekozen voor een combinatie appartementen en grondgebonden woningen. Ze oefenen een vanzelfsprekende sociale controle uit op het plantsoen. Voor ouders verlaagt het de drempel om hun kinderen voor de deur in het groen te laten spelen in deze toch stedelijke omgeving.

Aan de zijde van de Schinkelstraat zijn twee compactere woonblokken gesitueerd met wat kleinere appartementen en wellicht in de sociale huursector. Door het natuurlijke niveauverschil tussen het Schinkelplantsoen en de Schinkelstraat wordt de eerste woonlaag hier iets opgetild ten opzicht van het trottoir, hetgeen de woonkwaliteit ten goede zal komen.

Naast de woningen zijn er ook nog enkele bijzondere functies die hun plek krijgen in het gebied. De eerdergenoemde ‘foodhal’, die zich vooralsnog tijdelijk in de nog bestaande hal in het gebied wil vestigen, is een buitenkans om tegenover het theater een levendige horecafunctie te krijgen.

Door de zorgvuldige aansluiting van de woontoren op het voormalige Rabobankgebouw komt deze parel van de moderne naoorlogse architectuur, waar Heerlen een mooie verzameling van bezit, weer op een prominente plek te liggen. Na restauratie en het tijdelijke gebruik als IBA-centrum, zou een trendy Grand Café hier niet misstaan.

Het blokje aan de Honigmannstraat behoort eveneens tot het plangebied, maar maakt eigenlijk nog onderdeel uit van het kernwinkelgebied. Hier is dan ook op de begane grond een winkelruimte voorzien, met wonen op de verdiepingen.

Verder lenen de grondgebonden woningen aan het Schinkelplantsoen zich uitermate goed voor het herbergen van kleine bedrijvigheid aan huis, zoals een kantoorruimte, een kapperszaak of een atelier. In de woningindeling zal hier rekening mee gehouden worden.

Het parkeerprogramma is opgenomen in de beide bouwblokken, welke worden ontsloten via de Schinkelstraat. Door gebruik te maken van het hoogteverschil tussen Schinkelstraat en Promenade kunnen de inritten van de parkeergarages op een eenvoudige wijze bereikt worden, waardoor de hoeveelheid parkeerbewegingen in het gebied beperkt blijft.

Door de voldoende ruime afmetingen van de achterterreinen kan ook hier het vergroeningsstreven voortgezet worden, waardoor de achterterreinen meer dan alleen een parkeerplek zijn en een sterkere belevingswaarde krijgen voor de aangelegen woningen.

De bevoorrading van de ‘foodhal’ zal - zoals in de binnenstad gebruikelijk - binnen venstertijden gebeuren, en aan de zijde van de Promenade of Geerstraat plaatsvinden.


Telmodellen

Om duidelijkheid te krijgen betreffende de haalbaarheid zijn er in een vroege fase studies gemaakt om te kunnen bepalen of de te realiseren wooneenheden en commerciële ruimten voldoen aan het gewenste programma, binnen de randvoorwaarden die de Gemeente heeft gesteld aan het maximumprogramma en het ruimtelijk kader van IBA. Om tot afspraken met de Gemeente Heerlen te kunnen komen is de fysieke en ruimtelijke haalbaarheid van het programma voor Vastgoedontwikkelingscentrum BV een belangrijk element. Dit heeft onder meer geleid tot verschillende telmodellen. Het telmodel dat hierna wordt weergegeven maakt onderdeel uit van het voorliggende stedenbouwkundige plan.


Volumeopbouw en beeldkwaliteit

De blokken A en F vormen de twee hoogteaccenten in het plan. Vanuit het theater gezien vormen ze twee duidelijke koppen die sequentieel de blik langs de tangent van de Promenade begeleiden richting het centrum.

Waar blok F in de opbouw van het volume en in de taal van de architectuur een duidelijke verbinding aan kan gaan met het voormalige Rabobankgebouw op de schaal van de Promenade, heeft blok A met zijn terrassering meerdere gezichten. Zo toont het zich als een duidelijk hoogteaccent aan het Van Grunsvenplein, maar begeleidt het Promenadepark in een aftrappende opbouw met dakterrassen en een lange publieke plint, om vervolgens te bemiddelen richting de kleinere maat van de grondgebonden woningen aan het Schinkelplantsoen.

De bebouwing rond het Schinkelplantsoen pakt de maat en de schaal van de stadswoning - het vroegere ‘herenhuis’ - op, waarbij er een duidelijk onderscheid wordt gemaakt tussen de zuidzijde en de noordzijde.

De twee appartementenblokken aan de Schinkelstraat markeren de doorgang naar deze straat. Deze beide koppen krijgen hun ingangen aan de plantsoenzijde. Ze vormen de schakel tussen noord- en zuidzijde van de gevelwanden aan het plantsoen. Aan de zijde van de Schinkelstraat zullen ze meer als een voortzetting van de bestaande stedelijke wand gaan werken.

Belangrijk is om deze karakterisering met de uitwerkende architecten verder te verkennen en op elkaar af te stemmen. Het streven is om de verschillende openbare ruimtes een herkenbaar eigen karakter mee te geven en de uitwerking van de architectuur en de inrichting van de openbare ruimte als een geheel vorm te geven, door de ontwerpers uit de verschillende disciplines samen te laten werken.

Duurzaamheid

De ontwikkeling van het Schinkelkwadrant-Zuid biedt veel kansen voor een duurzame gebiedsontwikkeling, en zou zelfs een voorbeeldproject kunnen worden voor de euregio. Enkele kansen en elementen die door de planopzet als basis al bereikt worden zijn:

Een vitale en gezonde woonomgeving

Een vitale woonomgeving ontstaat niet alleen in de openbare ruimte, maar ook in de woningen die hier aan grenzen. Door bijvoorbeeld in het middengebied in te zetten op wonen op straatniveau. Door voldoende straatcontact is er een goede sociale controle en wordt voor ouders de drempel verlaagd om hun kinderen buiten te laten spelen.

Van winkels naar wonen

De ombouw van panden met kantoor- en winkelfunctie tot woonvoorzieningen bestrijdt leegstand en biedt nieuwe impulsen voor het centrum. Een toekomstbestendige en duurzame keuze, niet alleen voor het plangebied, maar ook voor het bredere stadscentrum van Heerlen.

Van grijs naar groen

De nu volledig verharde Promenade loopt straks over in een prachtig groen park. Hier is plek voor extensief groen, stevige bomen en speelplekken.

Verdichting schept ruimte

Door het woonprogramma in hogere dichtheid te ontwerpen met intieme openbare ruimtes die aansluiten bij bij de schaal van het wonen, ontstaat ruimte voor een parkachtige ruimte van een grotere omvang.

Plek voor cultureel erfgoed

In het gebied ligt het oude Rabobank-gebouw, dat getypeerd zou kunnen worden als een potentieel jong monument. Door de nieuwe contourlijnen van de bebouwing komt dit bijzondere gebouw weer op een prominente plek te liggen.

Participatie en Co-creatie

Het nieuwe park biedt niet alleen ruimte voor de nieuwe bewoners van het Schinkel-kwartier maar ook voor de huidige omwonenden. Deze bewoners en andere belanghebbenden kunnen bij het ontwerp van dit park betrokken worden.

Lokale opwekking energie

De nieuwe gebouwen zullen voldoen aan de nieuwste energienormen en deels hun eigen energie opwekken. Voor de energie die verbruikt wordt in het openbaar gebied kan ruimte gezocht worden voor lokale opwekking, middels pv-panelen op de armaturen zelf of elders in het gebied.

Optimale zonoriëntatie

De nieuwe bouwvolumes zijn zo opgezet dat het overgrote deel van de woningen altijd één of meer bezonde zijden heeft. Ook de oriëntatie van de buitenruimtes van de woningen is hierop afgestemd. Dit is niet alleen aangenaam wonen, maar kan ook gebruikt worden in de energiehuishouding van de gebouwen.

Reduceren hitte-eilanden

Door de grote hoeveelheid groen die wordt toegevoegd en de lichte daken, wordt de kans op overmatige opwarming van dit stadsdeel (het hitte-eiland-effect) aanzienlijk gereduceerd.

Buffering extreme neerslag

In met name de groengebieden die in het gebied worden toegevoegd is het mogelijk buffers (bijv. wadi’s) te voorzien die het regenwater ten tijde van extreme neerslag kunnen bufferen, om zo het stadsriool te ontlasten en schade te voorkomen.

terug naar het overzichtvolgend project